Als een zwangere vrouw het cytomegalovirus (CMV) oploopt, een herpes-virus, zijn de risico’s voor het ongeboren kind groter dan oorspronkelijk werd gedacht. Een kind kan klachten krijgen met bewegen, spraak, taal en de kwaliteit van leven kan worden aangetast. Via hielprikonderzoek kan het virus eerder worden opgespoord en wellicht CMV-infectie in sommige gevallen worden voorkomen. Ook wordt geadviseerd het delen van eten, spenen, bekers en bestek met kleine kinderen te mijden.

CMV is een veelvoorkomend herpes-virus. Meer dan de helft van de Nederlanders heeft een infectie met CMV gehad. Het virus komt onder meer voor in het speeksel en de urine van jonge kinderen. CMV geeft bij mensen die het virus oplopen meestal geen klachten en wordt daarom bijna niet opgemerkt. Een aangeboren CMV-infectie kan ontstaan tijdens de zwangerschap, waarbij het virus wordt overgedragen van de moeder op het ongeboren kind. De zwangere merkt meestal niet dat ze dit virus heeft opgelopen. Wanneer het virus is opgelopen blijft het levenslang aanwezig in bepaalde cellen.

Hielprikken
Na eerder onderzoek ging de aandacht uit naar gehoorverlies en grove neurologische afwijkingen als gevolg van de infectie, maar uit het promotieonderzoek van Marjolein Korndewal in samenwerking met het RIVM blijkt nu dat de CMV-infectie meer gevolgen heeft. In het onderzoek, dat werd uitgevoerd in het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) en werden ruim 30.000 hielprikkaarten onderzocht van kinderen tot zes jaar oud.

Uit de hielprikkaarten bleek dat 1 op de 200 Nederlandse kinderen een aangeboren CMV-infectie heeft. Dit komt neer op bijna 1000 kinderen per jaar, waarvan uiteindelijk een kwart daadwerkelijk klachten zal ondervinden. Tien tot vijftien procent van de kinderen met klachten heeft deze al bij de geboorte, bij het overige deel volgt dit op latere leeftijd.

Uiteenlopende gevolgen
Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat de gevolgen van een aangeboren CMV-infectie, wanneer deze zich voordoen, uiteenlopend zijn. Sommige kinderen worden geboren met een klein hoofd en hersenafwijkingen. Op lange termijn kunnen kinderen last krijgen van gehoorverlies en een ontwikkelingsachterstand op het gebied van leren, bewegen en spraak en taal.

Eerder opsporen
Korndewal benadrukt dat het virus alleen een risico vormt wanneer het virus daadwerkelijk actief wordt tijdens de zwangerschap. Zij pleit daarom om de hielprikkaart te onderzoeken bij kinderen die last hebben van gehoorverlies. Daardoor kan het virus eerder worden opgespoord. Volgens haar kan een aangeboren CMV-infectie in sommige gevallen worden voorkomen. Zij raadt zwangeren en vrouwen met een kinderwens aan om het delen van eten, spenen, bekers en bestek met kleine kinderen te mijden.

Ook moeten de handen goed worden gewassen na het verschonen van een plasluier. Het virus kan namelijk in het speeksel of de urine van jonge kinderen zitten. Dezelfde boodschap wordt ook uitgedragen door het RIVM.

Tot slot pleit Korndewal voor meer bewustwording bij zwangeren en zorgverleners van deze aangeboren infectie en de gevolgen die dit virus kan hebben. Verder is onderzoek nodig naar goedwerkende vaccins.

Vakblad Vroeg is er voor professionals die werken in de geboortezorg en met kinderen tot zeven jaar en hun ouders. Een abonnement kost slechts €28,- per jaar.

Ontdek ons VROEG-magazine

Vakblad Vroeg is er voor professionals die werken in de geboortezorg en met kinderen tot zeven jaar en hun ouders. Sleutelwoorden zijn preventie, vroegtijdige onderkenning en vroeghulp. Ons kwartaalmagazine biedt achtergrond en verdieping. Een abonnement kost slechts € 28,- per jaar.

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van alle ontwikkelingen op het gebied van de geboortezorg en de zorg rond het jonge kind en zijn ouders? Schrijf je dan in voor onze wekelijkse nieuwsbrief. Deze verschijnt iedere dinsdagochtend.

"*" geeft vereiste velden aan