Tips om op school meer te bewegen met kleuters

0
1168
kleuter die op school aan het bewegen is

Voor kleuters is het heel belangrijk dat ze goed leren bewegen. En dat leren ze niet alleen in de gymles, maar overal. Ook in de klas en op het schoolplein. Kleuterleerkracht Gineke Muller deelt haar beste tips uit de praktijk en lector Mirka Janssen vult aan vanuit de wetenschap. Maak gebruik van deze kennis en zet ook in op meer bewegen bij kleuters op school.

Vanaf heel jonge leeftijd wordt al bepaald hoe goed je later kunt bewegen. Aan het eind van de kleuterleeftijd zie je namelijk al grote verschillen qua motorische ontwikkeling en beweegplezier. Bewegen ligt ook aan de basis van andere ontwikkelingen bij kleuters. “Ze ontwikkelen al bewegend hun sociale vaardigheden, het leren herkennen van emoties, conflict oplossen en krijgen gevoel voor ruimtelijke oriëntatie. Dat zit allemaal in het spel van jonge kinderen”, vertelt Mirka Janssen, lector bewegen in en om school aan de Hogeschool van Amsterdam, op allesoversport.nl.

Zingen en sluipen

Gineke Muller, leerkracht op basisschool De Eendragt in Wormer, koppelt bewegen aan de leerdoelen. Daarmee bewegen de kleuters door de hele dag heen en dat kan al klein beginnen. Gineke begint elke dag bijvoorbeeld met een lied. “Ik hoef mijn handen maar te bewegen en de kleuters springen al op. Zeker bij de klassieke liedjes met gebaren zoals In de Maneschijn. Dat werkt trouwens ook met verhalen vertellen: laat ze bijvoorbeeld mee sluipen als een tijger.” Mirka legt uit dat woorden waarbij je gebaren maakt beter blijven hangen. “Als je meer zintuigen gebruikt bij het leren, sla je de informatie op méér plekken in je hersenen op en is terughalen van kennis. Met de tips kunnen kleuters meer bewegen op school.

Ruimte creëren in elk lokaal van de school

Een beweegrijke start van de dag dus. Maar hoe creëer je in het gemiddelde klaslokaal genoeg ruimte om dat voort te zetten? Gineke: “De klassieke opstelling in elk kleuterlokaal is een bouwhoek, huishoek, themahoek, enzovoorts. Wij hebben die hoeken verdeeld over de verschillende kleuterlokalen, zodat we letterlijk ruimte creëren in elk lokaal. Daardoor kunnen ze ook met ander materiaal leren werken, zoals grote pvc-buizen of houten latten in verschillende lengtes waarmee de kleuters een patroon leggen. Ook gebruiken we een deel van de gang om te spelen.”

Er staan nog maar acht tafeltjes op 20 kleuters en Gineke heeft geen bureau meer. “Kinderen die willen tekenen of puzzelen doen dat aan tafel als ze willen, maar vrijwel altijd staand. Dat maakt ze vrijer om te bewegen met hun armen en lijf.” De kleuters kunnen over al bewegen; op hun buik spelen, op hun knieën, wat ze zelf het fijnst vinden voor een activiteit. “Ze ervaren zo welke houding het beste past bij het werk dat ze doen.” Geeft al dat bewegen geen onrust in de klas? “Nee”, zegt Gineke, “het is juist onrustiger als kleuters verplicht lang stil moeten zitten, dan krijg je dat gewiebel. Beweegruimte inbouwen, voorkomt onrust.”

Buiten bewegend leren

Ook het schoolplein biedt volop kansen. Gineke: “We doen bijvoorbeeld eerst een oefening in de klas, waarbij kleuters getalsymbolen leren herkennen. Daarna gaan we naar buiten en doen we een spel met dezelfde getallen, maar waarbij de kinderen lekker veel rennen. Mirka benadrukt dat deze variatie het herhalen van de oefening een stuk leuker maken voor jonge kinderen. “En dankzij die herhaling beklijft het geleerde steeds beter.”

Op De Eendragt spelen de kleuters dagelijks twee keer buiten: ’s ochtends een uur en ’s middags 45 minuten. De leerkracht heeft een actieve rol. Het schoolplein kent in de ochtend en middag verschillende ‘zones’ met beweegaanbod. “In de ochtend hebben we de wielen, zoals skelters, fietsjes en stepjes. En we maken elke dag een beweegbaantje dat ze kunnen doen, met steeds wisselende obstakels. Daarin ontwikkelt een kleuter veel persoonlijke vaardigheden, zoals doorzetten als het moeilijk is en een plan maken hoe je het kunt aanpakken.” In de middag blijven de wielen in de schuur en bieden we spellen aan, zoals een tikspel, hinkelspel of kringspel met een bal. Zo bieden we variatie aan in motorische ontwikkeling en in leerdoelen.”

Denken in ‘zones’ helpt om het veilig te houden, bijvoorbeeld doordat er tussen de fietsen niet mag worden gerend. Het creëert ook ruimte om in een andere zone wél voluit te bewegen, legt Mirka uit. “Je moet bijvoorbeeld snelheid kunnen maken op een loopfiets of step, om te leren balanceren. En balanceren is één van de motorische vaardigheden waaraan wij doelgericht werken”, zegt Gineke.

Succeservaringen op eigen niveau

Voor kleuters zijn succeservaringen essentieel, vertelt Mirka. “Daar groeit hun zelfvertrouwen van en dat is cruciaal bij kleuters. Daar ligt de sleutel tot jezelf blijven ontwikkelen en een leven lang plezier in bewegen. Het is de taak van volwassenen om ze te helpen om die succeservaringen op te doen.” Natuurlijk moet ieder kind ook leren omgaan met dingen die niet lukken. “Maar als je zelfbeeld negatief wordt, verlies je plezier in bewegen en haak je af. Denk aan spellen waar minder vaardige kinderen snel af zijn. Die kinderen zitten vaak aan de kant en krijgen zo nog minder kans hun vaardigheden te oefenen. Wij zeggen daarom: zorg juist dat ze snel weer in het spel komen. We moeten met een meer pedagogische blik naar bewegen leren kijken.”

Meer lezen

Ga naar de volledige tekst van het artikel op allesoversport.nl

Meer en vaardig bewegen met kleuters: cijfers en inzichten.

Lees het artikel Kleuters in beweging! in het KVLO-magazine, geschreven door Mirka Janssen, Sanne de Vries en Pim Koolwijk.

Groepsleerkrachten Ilja Wardenaar en Gineke Muller vertellen in een video hoe en waarom zij bewegen bij kleuters gedurende de schooldag stimuleren.

Zie ook:

------
Abonneer u op onze gratis digitale nieuwsbrief en u ontvangt wekelijks een overzicht van relevante ontwikkelingen rond vroeghulp- en -signalering

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here