Sloom en druk gedrag in de kinderopvang vraagt specifieke aandacht

0
2288
kwaliteit kinderopvang

Druk gedrag van peuters en kleuters hoort bij hun ontwikkeling. Maar soms is er meer aan de hand en zijn deze jonge kinderen over- of onderprikkeld. “Het is van belang om binnen de kinderopvang gericht in te spelen op de behoeften van deze kinderen”, vertelt Monique Thoonsen, pedagoog en expert prikkelverwerking. “Daardoor voelen zij zich prettiger en functioneert de hele groep beter.” 

“De meeste kinderen kunnen prima met zintuigprikkels omgaan”, vertelt Monique Thoonsen. “Maar een kind kan ook te weinig of juist te veel op prikkels reageren. In de hersenen zit namelijk een soort ‘prikkelfilter’ dat bepaalt of en hoe sterk zintuigprikkels doorgegeven worden naar de hersenschors.”

Monique Thoonsen: “Overprikkelde kinderen hebben vaak een kort lontje, terwijl onderprikkelde kinderen heel druk kunnen zijn”

Van sloom tot uitbundig

Het komt regelmatig voor dat het filter in de hersenen van een kind te weinig en te zwakke prikkels doorgeeft. “Dat noemen we ‘onderprikkeld’ en dit merk je onder meer aan het gedrag in de kinderopvang”, aldus Monique. “Onderprikkelde kinderen kunnen slaperig en sloom overkomen. Ook zijn ze moeilijk te bereiken, omdat veel prikkels aan hen voorbij gaan.” Opmerkelijk voor veel mensen is dat onderprikkelde kinderen ook heel druk en uitbundig kunnen zijn. “Zij gaan dan op zoek naar extra en sterkere zintuigprikkels, omdat zij die nodig hebben om zich fijn te voelen en mee te kunnen doen. Deze kinderen zijn enthousiast, zij zoeken en creëren prikkels en kunnen daar moeilijk mee stoppen. Het is dus een misverstand dat drukke kinderen allemaal overprikkeld zijn. Veel van hen komen juist prikkels tekort!”

Kort lontje

Het prikkelfilter kan ook juist te veel en te sterke prikkels doorlaten. “Een kind is zich dan te veel bewust van allerlei prikkels en dat noemen we ‘overprikkeld’. Overprikkelde kinderen zijn vaak gespannen en hebben een kort lontje. Zij hebben veel last van zintuigprikkels. Deze kinderen voelen zich prettig als zij dingen mogen bepalen. Als zij namelijk kunnen bepalen waar ze zitten, wat ze eten, met wie en wat ze spelen, dan controleren ze ook de zintuigprikkels. Heel vaardig gedrag dus eigenlijk.” Maar er zijn ook overprikkelde kinderen die niet de controle nemen om hun omgeving te beïnvloeden. “Dat uit zich in veel mopperen, nerveus zijn en snel huilen.”

Aandachtspunten kinderopvang

Het is van belang dat pedagogisch medewerkers inspelen op de specifieke behoeften van onder- en overprikkelde kinderen. “Onderprikkelde kinderen komen bijvoorbeeld in een rustige omgeving niet tot hun recht. Ze zullen sloom blijven door een gebrek aan zintuigprikkels of heel druk worden om het tekort aan prikkels aan te vullen. Andersom kun je je voorstellen dat overprikkelde kinderen het moeilijk hebben met een begeleider die heel veel prikkels genereert.”

Monique verzorgt over dit onderwerp een lezing en een deelsessie tijdens ons congres ‘Passende Kinderopvang’ op 23 mei in Utrecht. SKJ geeft hiervoor vijf accreditatiepunten. Klik hier voor meer informatie over het programma en de deelnamemogelijkheden.

Aan het gedrag van kinderen is volgens Monique goed te zien of zij behoefte hebben aan meer of juist minder prikkels. “Als je dat eenmaal weet van een kind, kun je een passende strategie bieden. Onderprikkelde kinderen kun je bijvoorbeeld op meer momenten van de dag laten bewegen. Voor overprikkelde kinderen is het fijn om gedurende de dag rustige momenten te hebben en opgebouwde spanning kwijt te raken. Het is van belang om gericht op deze manier rekening met deze kinderen te houden. Niet alleen voelen zij zich dan prettiger, ook de hele groep functioneert beter.”

Congres Passende Kinderopvang

Over dit onderwerp verzorgt Monique een deelsessie tijdens het Congres Passende Kinderopvang op 23 mei. “Ik zal allereerst meer vertellen over wat er bij over- en onderprikkeling zoal komt kijken. Plus wat de specifieke kenmerken van deze kinderen zijn. Vervolgens ga ik in op wat helpt om hun functioneren in de groep in goede banen te leiden. Daarbij zal ik ook praktische tips geven over hoe je de pedagogische medewerkers binnen de groep met de prikkelbehoeftes van verschillende kinderen kunnen leren omgaan.”

Naar de congreswebsite >

------
Abonneer u op onze gratis digitale nieuwsbrief en u ontvangt wekelijks een overzicht van relevante ontwikkelingen rond vroeghulp- en -signalering

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here