Mondgezondheid ondergeschoven kindje in jeugdgezondheidszorg

0
798

Tussen de 30 tot 40 procent van de kinderen hebben al voor het eerste levensjaar een gaatje. Om daar iets aan te doen, zijn er sinds dit voorjaar mondzorgcoaches op een aantal consultatiebureaus. Doel is het bevorderen van mondhygiëne en preventie van cariës bij peuters. De Hogeschool Utrecht en het Academisch Centrum voor Tandheelkunde Amsterdam (ACTA) onderzoeken de effectiviteit van dit initiatief.

Mondgezondheid is altijd een ondergeschoven kindje geweest, laat Merlin Jurg van de Geneeskundige en Gezondheidsdienst Amsterdam (GGD) in de Volkskrant weten. “Dat zie je ook in de verdeling van onderzoeksgeld”, zegt zij. “Het moet bij de consultatiegesprekken concurreren met acutere thema’s als overgewicht en psychosociale problemen. Dan snap je wel welke thema’s voorrang krijgen.”

Start preventieprogramma

Gevolg is dat veel kinderen bezoeken pas na hun vierde voor het eerst een tandarts en hebben dan al cariës. Om dit ongewenste patroon te doorbreken is binnen het project ‘Gezonde Peutermonden’ een preventieprogramma gestart. Ter ondersteuning wordt binnen het project Gezonde Peutermonden een mondzorgcoach op het consultatiebureau gedetacheerd. Aansluitend aan het consultatiebureaubezoek geeft de mondzorgcoach voorlichting over de gezondheid van het gebit aan de ouders van baby’s en peuters. Het programma is gebaseerd op het succesvolle Schotse Childsmile Project en het Gewoon Gaaf programma van het Ivoren Kruis.

Onwetende ouders

Uit onderzoek van het Zilveren Kruis blijkt dat 20 procent van de bij hen aangesloten kinderen in 2015 niet op controle ging. En twee op de vijf ouders weten niet dat kinderen tot hun 18de gratis naar de tandarts kunnen, blijkt uit het Nationaal Zorgonderzoek. Om de onwetende ouders te bereiken gaat mondzorgcoach Kiki van Winkel langs bij consultatiebureaus, waar wél bijna alle kinderen en ouders komen opdagen. “Ouders weten lang niet altijd wat er in de mond van hun jonge kinderen omgaat”, zegt Van Winkel. “Ze denken vaak: ach, dat melkgebit gaat er toch uit, die eerste tandjes hoeven we niet te poetsen. Sommige ouders dippen de fopspeen van hun kind zelfs nog in de honing. Het komt voor dat kinderen zulke rotte tanden hebben, dat hun hele melkgebit onder narcose maar wordt getrokken om erger te voorkomen”

Onderzoeksproject

Peggy van Spreuwel, docent en gezondheidswetenschapper aan de Hogeschool Utrecht, bestudeert de effectiviteit van het programma in het kader van haar promotieonderzoek bij het Academisch Centrum voor Tandheelkunde Amsterdam (ACTA). Zij onderzoekt de effecten van het preventieprogramma in verschillende regio’s. In totaal nemen 400 kinderen deel aan het onderzoek. Van Spreuwel kijkt naar cariës en mondhygiëne bij de kinderen op tweejarige en vierjarige leeftijd. Ook meet ze de gedragsaspecten van ouders. Daarnaast wordt binnen het onderzoeksproject de kosteneffectiviteit van het preventieprogramma geëvalueerd en de mogelijkheden voor de brede implementatie geïnventariseerd. De resultaten hiervan zijn over ongeveer twee jaar beschikbaar.

Bronnen: Volkskrant / KNMT

 

------
Abonneer u op onze gratis digitale nieuwsbrief en u ontvangt wekelijks een overzicht van relevante ontwikkelingen rond vroeghulp- en -signalering

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here