Etnische vooroordelen zitten er al vroeg in

0
233

Jonge kinderen in Nederland hebben al vooroordelen op basis van etniciteit. Promotieonderzoek van Ymke de Bruijn toont het belang aan om deze in de kiem te smoren. Zij onderzocht de handelwijzen en ideologieën waaraan kinderen tussen de 6 en 10 jaar worden blootgesteld via hun ouders en via kinderboeken.

Uit het onderzoek blijkt dat kinderen al op jonge leeftijd verschillen zien tussen mensen van verschillende etnische achtergrond. Volgens de onderzoekster is het zaak om het ontstaan van vooroordelen zo vroeg mogelijk in de kiem te smoren. ‘In het buitenland is hier al wel onderzoek naar gedaan, maar in Nederland nauwelijks. Ik wilde in beeld brengen hoe vooroordelen zich bij kinderen in Nederland manifesteren. Wat leren ze van hun ouders of uit kinderboeken over dit onderwerp en hoe draagt dit bij – zowel in positieve als negatieve zin – aan mogelijke vooroordelen.’

Wit kiest wit

Kinderen die meededen aan het onderzoek kregen foto’s te zien van witte kinderen, zwarte kinderen en kinderen met een Midden-Oosters uiterlijk. In reactie op positief geformuleerde vragen (met wie wil je spelen, wie wil je uitnodigen op je verjaardag en naast wie wil je zitten) werden door witte kinderen de witte kinderen op de foto het vaakst gekozen. ‘Als we de vragen negatief formuleerden werden de witte kinderen minder vaak gekozen dan de andere kinderen. De resultaten laten zien dat witte kinderen in Nederland op deze jonge leeftijd al bepaalde voorkeuren hebben’, legt De Bruijn uit.

Kleurenblindheid werkt averechts

De Bruijn keek naar diversiteitsideologieën en ontdekte dat er minder vooroordelen zijn bij kinderen als ouders sterker een multiculturalistische ideologie aanhangen. Het aanhangen van een ‘kleurenblinde’ ideologie had juist geen positief effect. Over de invloed van ouders zijn meer conclusies te trekken. ‘Het er niet over hebben, opvoeden in ‘kleurenblindheid’ werkt averechts en is dus geen goed idee. Het kind kan ongemak gaan voelen als er niet over gepraat wordt. Want ze zien de verschillen wel en gaan het misschien een eng of negatief onderwerp vinden.’ Volgens De Bruijn moeten ouders dus aangemoedigd worden om het gesprek over etniciteit en racisme aan te gaan.

Makers en gebruikers van boeken

Voor makers van kinderboeken blijft het volgens de onderzoekster belangrijk om op diversiteit te letten. ‘Het lijkt niet automatisch goed te komen met diversiteit in boeken. Makers moeten niet alleen denken van ‘hoe vaak heb ik een personage van kleur in mijn boek’, maar ook: hoe worden die personages neergezet. Zijn er voldoende details om recht te doen aan iemands achtergrond? ’

Voor de gebruikers van de boeken adviseert De Bruijn om je meer bewust te zijn van de keuzes die je maakt als bijvoorbeeld ouder of meester of juf. ‘Als je er niet op let, is de kans groot dat je te weinig diversiteit aanbiedt.’

Onderzoeksproject ‘KidS’: Kinderen in de Samenleving

Het promotieonderzoek maakt onderdeel uit van een groter project bij het Leiden University College (LUC) onder leiding van Judi Mesman: ‘KidS: Kinderen in de Samenleving’. Hoe kijken kinderen aan tegen diversiteit in de samenleving? Welke vooroordelen hebben ze over mensen met verschillende etnische achtergronden? Er lopen meerdere promotietrajecten in dit onderzoek. De Bruijn is de eerste van de groep die promoveert. Daudi van Veen, Fadime Pektas en Yiran Yang zijn de andere promovendi. Er werkt ook nog een postdoc op het project: Rosanneke Emmen.

Child Interethnic Prejudice in the Netherlands: Social Learning from Parents and Picture Books >>

Bron: universiteitleiden.nl

Zie ook:

 

 

 

 

 

 

 

 

------
Abonneer u op onze gratis digitale nieuwsbrief en u ontvangt wekelijks een overzicht van relevante ontwikkelingen rond vroeghulp- en -signalering

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here