Troosthap werkt op langere termijn averechts

3
2142
huilbaby

De borst, fles of eten wordt vaak als eerste tevoorschijn getoverd om een huilende baby te troosten. Hoewel vaak effectief op de korte termijn, heeft het aanbieden van eten aan baby’s als troost mogelijk ongewenste effecten op de langere termijn.

‘Die zal wel honger hebben!’ Dat is vaak de eerste gedachte die bij ouders opkomt als hun baby huilt. Pauline Jansen, projectleider van ‘What’s driving binge eating?’, heeft samen met collega’s in The Journal of Nutrition een onderzoek beschreven over de effecten van voedingsstrategieën van jonge ouders1. Hieruit blijk dat ouders bij een huilgeluid van hun baby al snel denken aan het oplossen van een hongergevoel.

Voedingsstrategieën ouders

Bijna 4.000 ouders – deelnemers van het bevolkingsonderzoek Generation R – hebben in een vragenlijst aangegeven hoe vaak ze geneigd waren om hun 6-maanden oude baby te troosten door iets te eten of te drinken te geven. Een groot deel van de moeders gebruikte deze strategie (53% soms, 23% vaak), terwijl een kwart van de moeders dit nooit deed (24%).

Later in de kindertijd zijn opnieuw gegevens verzameld bij deze gezinnen, onder andere over het gewicht en de eetgewoonten van kinderen. Toen bleek dat kinderen die vaker met eten getroost waren als baby een hogere Body Mass Index (BMI) en meer vetmassa hadden op 4- en op 10-jarige leeftijd. Een deel van dit verband werd verklaard doordat deze kinderen vaker emotie-eters zijn, dat wil zeggen dat ze meer geneigd zijn om te gaan eten als ze moe of verdrietig zijn dan kinderen die als baby niet met eten getroost waren.

Beloningssysteem hersenen

Huilen is één van de manieren waarop een baby aan kan geven dat hij of zij honger heeft, dus alleen daarom is het al een heel logische reactie van ouders. Huilen kan soms echter ook betekenen dat een baby een vieze broek heeft, moe is of gewoon even onrustig of prikkelbaar is. En ook dan kan eten een middel zijn waardoor iemand zich wat beter voelt. Voedsel activeert namelijk het beloningssysteem in de hersenen (het limbische systeem), waardoor dopamine vrijkomt, een neurotransmitter die een plezierig gevoel teweegbrengt (zie voetnoot 2). De stimulatie van het limbische systeem gebeurt bij het consumeren van smakelijk voedsel, waarbij over het algemeen geldt dat hoe zoeter en vetter het voedsel is, des te hoger de ervaren beloningswaarde is. De ene persoon is hier gevoeliger voor dan de andere.

Overmatige gewichtstoename

De onderzoeksbevindingen doen vermoeden dat het geven van eten en drinken aan baby’s als troost ertoe leidt dat kinderen leren voedsel en emoties met elkaar te associëren. Hierdoor raken zij eraan gewend om eten te gebruiken als een gangbare manier om met negatieve emoties om te gaan, wat uiteindelijk kan leiden tot overmatige gewichtstoename.

Ook andere mechanismen kunnen een rol spelen. Zo houden ouders die eten geven als troost er wellicht een minder gezonde leefstijl op na en geven ze bijvoorbeeld vaker ongezonde snacks aan hun kinderen.

Advies

Professionals zoals kraamverpleegkundigen en medewerkers van Centra voor Jeugd en Gezin wordt aangeraden om ouders voor te lichten over waarom baby’s huilen, zodat ze, als hun kind huilt, vaker zullen denken ‘Die zal wel honger hebben… Of is er misschien iets anders aan de hand?’ Het geven van zulke tips kost slechts weinig tijd, zeker als het een onderdeel is van voorlichting over borstvoeding. Ook kunnen professionals advies geven over adequate manieren om een huilende baby te troosten. Zo kunnen zingen, praten, knuffelen, rondlopen en wiegen effectieve strategieën zijn om een baby rustig te krijgen. Hoewel dit ogenschijnlijk heel andere tactieken zijn dan het geven van eten, activeren ook positieve sociale interacties het limbisch systeem.

Vervolg

Vanwege de opzet van het onderzoek, kunnen de onderzoekers helaas geen ferme conclusies trekken over causaliteit. Daarom is onderzoek met herhaalde metingen van voedingstrategieën en eetgedrag nodig om juist advies te kunnen geven aan ouders. Op het moment dat de gevonden negatieve effecten van het geven van eten als troost worden bevestigd, is het ouders aan te raden om het geven van eten als troost tot een minimum te beperken.

Bron: zonmw.nl

Referenties

Jansen PW, Derks IPM, Batenburg A, Jaddoe VWV, Franco OH, Verhulst FC, Tiemeier H. Infant feeding practices and the prospective relation with childhood BMI: results from the Generation R Study. Journal of Nutrition, 2019: 149(5);788-794.

Volkow ND, Wang GJ, Baler RD. Reward, dopamine and the control of food intake: implications for obesity. Trends in Cognitive Sciences, 2011:15(1):37-46.

------
Abonneer u op onze gratis digitale nieuwsbrief en u ontvangt wekelijks een overzicht van relevante ontwikkelingen rond vroeghulp- en -signalering

3 REACTIES

  1. ”Niet gehinderd door enige vorm van kennis”, is de eerste gedachte die bij mij opkomt bij het lezen van dit bericht. De borst geven bij onrust, pijn en verdriet van de baby is absoluut niet te vergelijken met het geven van eten of drinken bij onrust, pijn en verdriet. Borstvoeding geven heeft namelijk in dit soort situaties helemaal niets met eten te maken. Het is een zeer breed en hardnekkig misverstand dat borstvoeding gelijk staat aan eten geven en anders niks. Wetenschappers die ook dit idee hebben zouden geen onderzoek moeten mogen doen zonder dat in hun team ook een lactatiekundig specialist aanwezig is. Borstvoeding geven in dit soort situaties is, onder andere, het bieden van co-regulatie, met name waar het gaat om het leren omgaan met stress, en relatie opbouw.
    ”Vanwege de opzet van het onderzoek, kunnen de onderzoekers helaas geen ferme conclusies trekken over causaliteit.” Ze kunnen daar helemaal geen conclusies over causaliteit uit trekken. Niet alleen vanwege de onderzoeksopzet, maar vooral door het gebrek aan kennis en daardoor een gebrekkige onderzoeksvraag en onderzoeksuitvoering. Generation R is vooral een heel groot project waar hele jaargangen studenten afstudeermateriaal kunnen halen. Echt onderzoek is het niet, er zijn geen controle en interventie groepen en de meeste data komt uit vragenlijsten aan ouders. De wetenschappelijke waarde van dergelijk retrospectieve op herinnering gebaseerde data is gering.

    • Bedankt voor deze toevoeging Gonneke en hopelijk zullen professionals en ouders niet teveel waarde hechten aan dit onderzoek als het gaat om borstvoeding enkel en alleen als eten te zien.

  2. Opmerkelijk dat iemand eerst algemeenheden over borstvoeding plaatst waarvoor elke degelijke onderbouwing ( met controle-groepen, zonder vragenlijsten, in voldoende omvang, en graag buiten de sociale psychologie) ontbreekt, om daarna het hele Generation-R-project in de prullenbak te gooien.
    Ik ben fan en bevorderaar van borstvoeding, maar deze redeneertrant doet de wetenschap – ook die over borstvoeding – meer kwaad dan goed.

    Inhoudelijk ben ik in het licht van de wereldwijde obesitas-epidemie blij met dit onderzoek. Het kán een steentje bijdragen als ouders – misschien ook bij zichzelf – niet elk ongenoegen gaan aanpakken met calorieen en zoetigheid. En voor het troostend effect van zoet – ook als dat borstvoeding is – bestaat wel bewijs.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here