‘Ben ik in Beeld’ stimuleert brede taalontwikkeling

0
592

Het programma ‘Ben ik in Beeld’ biedt pedagogische medewerkers handvatten voor het stimuleren van de brede (taal)ontwikkeling. Daarnaast richt de interventie zich op het vergroten van de sensitieve responsiviteit van pedagogisch medewerkers door training en begeleiding.

‘Ben ik in Beeld’ stimuleert de brede ontwikkeling van kinderen middels de door Stichting Leerplan Ontwikkeling en de CED-Groep geformuleerde doelen, met als doel een soepele doorstroom naar groep 1 van het basisonderwijs en het voorkomen van onderwijsachterstanden. Het programma is bedoeld voor kinderen van 0 tot 4 jaar op kinderdagverblijven en peuterspeelzalen. De primaire doelgroep van Ben ik in Beeld bestaat uit kinderen uit achterstandssituaties die gebruik maken van een kinderopvang, maar in de praktijk nemen alle kinderen die de kindercentra bezoeken deel aan Ben ik in Beeld. De intermediaire doelgroep bestaat uit pm’ers binnen de kindercentra.

Aanpak

Brede ontwikkelingsstimulering wordt vormgegeven door opbrengstgericht werken. De voorleescyclus en de activiteitenplanning zorgen voor een gepland doelen dekkend, passend activiteitenaanbod, waarbij de kansrijke momenten (spontane initiatieven van kinderen) zoveel mogelijk benut worden. De interactievaardigheden van de pm’ers worden vergroot door de inzet van Videobegeleiding.

Materiaal

  • Ben ik in Beeld handboek (Van Delft, Jorissen, Kammenga, Maas, Vollering & Van Zalinge, 2010), werkboek en trainingsmateriaal (train-de-trainer)
  • Materialen behorend bij Uk & Puk (Tjallema, Gielen, Nederkoorn, Dielemans & Van Dijk, 2009)
  • Observatiemethode, zoals bijvoorbeeld KIJK! 0-4 jaar (Van den Bosch & Duvekot-Bimmel, 2012)
  • Videocamera’s
  • Dagritmekaarten
  • Speel Mee Idee + bijbehorende prentenboeken
  • Peuterstappen (Goudswaard & Vergunst-Duijnhouwer, 2013)

Onderbouwing

Ben ik in Beeld zorgt ervoor dat pm’ers de brede ontwikkeling van kinderen binnen de kindercentra gericht kunnen stimuleren. Pm’ers krijgen tijdens het implementatietraject handvatten om hun interactievaardigheden te vergroten en bewust in te zetten. Goede taal-en interactievaardigheden zijn voorwaarden voor goede kwaliteit van de opvang en educatie van jonge kinderen (Riksen-Walraven, 2004, zoals beschreven in Van IJzerdoorn, Tavecchio & Riksen-Walraven, 2004). De kwaliteit van de didactische interactievaardigheden is van belang bij het stimuleren van de brede ontwikkeling (Fukkink, Gevers Deynoot-Schaub, Helmerhorst, Bollen & Riksen-Walraven, 2013) en deze vaardigheden worden optimaal ingezet door middel van geplande groepsactiviteiten (Veen & Leseman, 2015). Videobegeleiding zorgt voor de noodzakelijke coaching on the job, theoretische verdieping en reflectie op eigen handelen.

Onderzoek

Het ontbreken van een voormeting maakt dat het onderzoek slechts een zwakke bewijskracht heeft. Het (beperkte) kwalitatieve onderzoek naar de werkwijze, organisatie, inhoud, borging en effecten op de ontwikkeling van kinderen onder pm’ers, interne trainers en leidinggevenden toont aan dat Ben ik in Beeld als positief tot zeer positief wordt beoordeeld. Alle betrokkenen hebben positieve ervaringen met het programma. Er zijn verschillen zichtbaar tussen de inzichten van het effect van de onderdelen van Ben ik in Beeld op de ontwikkeling van kinderen tussen de mensen op de werkvloer en de mensen die Ben ik in Beeld vanuit trainingen implementeren. Dit lijkt overeen te komen met de behoefte om dingen te doen vanuit pm’ers en het zichtbaar zijn van deze activiteiten voor leidinggevenden en interne trainers.

Volgens de Erkenningscommissie betreft het een  goed onderbouwde interventie.

Bron: nji.nl

------
Abonneer u op onze gratis digitale nieuwsbrief en u ontvangt wekelijks een overzicht van relevante ontwikkelingen rond vroeghulp- en -signalering

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here