Aanhoudende gedragsproblemen veranderen kinderbrein

0
1719
boos

Bij aanhoudende ernstige gedragsproblemen veranderen de hersenen van een kind, blijkt uit Rotterdams neurobiologisch onderzoek. Hierdoor vermindert het lerend vermogen. Vroege interventies kunnen er mogelijk aan bijdragen dat de hersenen zich meer volgens normale patronen blijven ontwikkelen.

“Kinderen met ernstige gedragsproblemen en zware psychische klachten lopen als volwassene een verhoogd risico op een psychische stoornis”, vertelt kinder- en jeugdpsychiater Tonya White. Zij is aan de Erasmus Universiteit Rotterdam hoofd hersenbeeldvorming bij Generatie R, een grootschalig bevolkingsonderzoek naar kinderen en jongeren in Rotterdam. Die stoornis is niet per se dezelfde als die in de kindertijd en kan zich onder meer uiten in verslavingen en persoonlijkheids- of stemmingsstoornissen. “Blijkbaar is er iets in de hersenen dat voor al deze aandoeningen een verhoogd risico geeft”, zegt White. Dat ‘iets’ wilde ze met onderzoek in beeld krijgen.

Onzichtbare en zichtbare verschillen

White heeft daarom onderzocht hoe de hersenen bij kinderen met ernstige angsten, depressie, agressie en aandachtsproblemen (samengevat: een dysregulatieprofiel) zich ontwikkelen. Op scans bij de jongste groep, van zes tot negen jaar, vond ze vrijwel geen verschil in de hersenen van de kinderen met en zonder problemen. Maar uit de volgende meting, bij kinderen van negen tot elf jaar, bleken die verschillen wel. Ze waren zichtbaar in de witte stof (die de verbinding tussen de verschillende hersengebieden verzorgt), de dikte van de hersenschors en in gebieden die betrokken zijn bij hogere cognitieve functies. Het lerend vermogen van de kinderen met een dysregulatieprofiel, gecorrigeerd voor genetische invloeden, was gemiddeld met acht punten verlaagd.

Vroege interventies

“Gedragsproblemen bij kinderen van zes jaar zijn veel minder voorspellend dan bij oudere kinderen”, concludeert White. “De stabiliteit van gedragsproblemen stijgt met de leeftijd van het kind. Als gedrag steeds herhaald wordt, gaan de hersenen zich anders gedragen.”

De psychiater is daarom voorstander van vroege interventies. Die kunnen er mogelijk aan bijdragen dat de hersenen zich meer volgens normale patronen blijven ontwikkelen. Maar om dat zeker te weten is eerst interventieonderzoek nodig, zegt White. “De oorzaak van de problemen kan variëren. Dat vraagt om verschillende soorten interventies. Voor sommige kinderen is gedragstherapie goed, voor andere gezinstherapie.” Kennisuitwisseling met professionals zou goed zijn, besluit White, die niets liever wil dan dat de inzichten uit haar onderzoek hun weg vinden naar de praktijk.

The Neurobiology and Developmental Trajectories in Children at Risk for Severe Psychopathology >>

------
Abonneer u op onze gratis digitale nieuwsbrief en u ontvangt wekelijks een overzicht van relevante ontwikkelingen rond vroeghulp- en -signalering

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here